327 DE GEBOORTE VAN EEN SCHOOL

Tervuren - Markt - 15 oktober 2021
Tervuren - Markt - 15 oktober 2021

NABIJ DE MARKT VAN TERVUREN

Thea-Warrior

 

Via de Kerkstraat wandelen we richting de Markt. Daar aangekomen kijk ik over de Markt naar het oosten. Achter mijn rug de Brusselsesteenweg. In gedachten hoor ik de postkoets uit Brussel - die aan de overkant van de Markt zijn eindbestemming heeft - ratelen. Is Hippolyte Boulenger met de postkoets in Tervuren aangekomen of is de arme sloeber uit Brussel komen lopen?

Aan de horizon enkele relevante gebouwen. Links moderne architectuur: De Warandepoort, het cultureel centrum van Tervuren, geopend in januari 2016. Dáár bevindt zich de tentoonstelling 'Het pleinairisme in de 19de eeuw' van de Vrienden van de School van Tervuren.

 

In het centrale, crème-gestucte gebouw zetelt het gemeentebestuur. Tevens huist er een politiepost. Ooit is dit gebouw het domein van Joseph Coosemans (1828-1904) geweest. Herman de Vilder (2013) vertelt dat na 1854 de gerespecteerde Joseph daar als messageriehouder werkt: hij organiseert en beheert de regelmatige verbinding van de postkoetsdienst tussen Brussel en Tervuren. Wordt zelfs bedrijfseigenaar! Onder zijn leiding worden de reizigers opgevangen. De paarden worden in- en uitgespannen, verzorgd en zo nodig vervangen. De functie past bij de actieve, sociale Joseph. Met genoegen maakt hij kunstenaars die in de warande of in het Zoniënwoud willen schilderen wegwijs.

Joseph is een verdienstelijk amateurkunstschilder. Dit gegeven kent een geschiedenis. Als Joseph twee jaar is, zijn beide ouders overleden. De Vilder vertelt dat een tante, de zus van de moeder, de opvoeding van de drie kinderen (Joseph, zijn oudere broer en zijn zus) op zich neemt. Rond zijn vijftiende levert Joseph zijn tante wat problemen op door zijn artistieke neigingen. Zij ziet de academie in Brussel en de verderfelijke omgang met artiesten niet zitten. Ze investeert het nodige om zijn gedrag te beteugelen en zijn leven in goede banen te leiden. Eenmaal zestien weigert Joseph verder te studeren en dus bezorgt ze hem voor twee dagen per week een baan als boodschappenjongen bij een bevriende notaris in Tervuren.

Joseph schikt zich maar raakt bevriend met Charles Tschaggeny (1815-1894). Deze dierenschilder werkt in de nationale paardenstoeterij van Tervuren, in de stallingen die naar hun vorm de naam 'Het Hoefijzer' dragen, en waarin sinds 1830 de Belgische strijdkrachten te paard hun thuis hebben. Hm, in Tervuren hebben zeer veel paarden gegaloppeerd!

 

Door tussenkomst van Charles verleent Joseph algauw hand- en spandiensten aan de stoeterij. De teken- en schilderlessen die hij krijgt, apprecieert hij zonder twijfel. Via Charles leert hij befaamde Brusselse schilders kennen waaronder Théodore Fourmois (1814-1871). Deze meester suggereert Joseph zich het materiaal aan te schaffen waarmee hij zich als schilder in de natuur kan installeren. Het is niet aan dovemansoren gezegd: Joseph koopt zich een demonteerbare schildersezel en een stevige rugzak voor de penselen, tubes verf, paletten en kleinere panelen.

Ondertussen ontwikkelt de jongeman zich in de gemeenschap tot een gewaardeerd ambtenaar. In buurgemeente Duisburg wordt hij gemeentesecretaris, in Tervuren gemeenteontvanger, hij zingt in de plaatselijke zangvereniging 'l'Echo de la Voer' en raakt bevriend met de historieminnende pastoor Bartholomeus Vandersande van de Sint-Jan Evangelistkerk. Zijn schrijverstalent komt tot uiting in meerdere secretariaten, waaronder die van de Broederschap van de Gelovige Zielen. 

In 1856 huwt Joseph de jongere Constance Otterbein. Ze krijgen twee zonen, maar als deze jongens vier en vijf zijn, sterft hun moeder op vijfentwintigjarige leeftijd. Joseph zit in zak en en as, maar zijn schoonfamilie helpt in de nood en zo kan het gebeuren dat hij trouwt met Joséphine, een oudere zus van Constance, die al langer een oogje op hem heeft.

 

Maar voordat ik me verlies in de medische mogelijkheden van het midden van de negentiende eeuw of in het leven van Joseph Coosemans, kan ik beter het boek 'Dood van een Landsschapsschilder' van Herman de Vilder (2013) aanbevelen.

In elk geval maakt Joseph onder de schilders en beeldhouwers vele vrienden. Hij raakt bekend met de Brusselse Salon, waar schilders jaarlijks hun in vrijheid gewrochte, naar eigen idee geslaagde, schilderijen inbrengen. Samen met kunstschilder Camille van Camp (1834-1891) die in Parijs is geweest, droomt Joseph zijn droom: een kunstenaarskolonie; een School van Tervuren zoals de School van Barbizon bij Parijs. Met elkaar schilderen in de vrije natuur, elkaar ondersteunen en elkaars werk bespreken.

Via Camille maakt Joseph kennis met Hippolyte Boulenger (1837-1874) en in de lente van 1864 neemt de jonge Hippolyte zijn intrek in de herberg Au Renard - In den Vos - in Tervuren. Laat deze herberg zich nu bevinden in het pand rechts op mijn foto van de Markt. Warme contacten groeien en bloeien, en Joseph weet in Het Hoefijzer, op een steenworp afstand van de herberg, een atelier voor Hippolyte te organiseren.  

 

In maart 1866 komt (volgens Herman de Vilder) In den Vos opnieuw het plan ter sprake dat Joseph en Hippolyte eerder met Jules Raeymaekers (1833-1904) hebben opgevat: zichzelf op de Brusselse Salon als landschapsschilders aan het grote publiek tonen. Het romantische werk, zoals dat van Louis Gallait met zijn historische onderwerpen, heeft immers min of meer afgedaan. Hun actie moet de bevestiging zijn van de vrije kunst met de natuur als fundament, met de natuur als enige leermeester. Samen gaan ze op zoek naar gelijkgestemde schilders. 

Enige tijd later komen Edouard Huberti (1818- 1880), Alphonse Asselbergs (1839-1916), Jules Raeymakers, Jules Montigny (1840-1899), Hippolyte en Joseph in de herberg bijeen. Jules R. doet een belangrijke mededeling: in het reglement van de Salon staat de eis dat elke deelnemer aan de organisatie meedeelt van wie hij de leerling is. In het tentoonstellingsboekje zal de naam van de leermeester worden vermeld. Natuurlijk is amateur Joseph Coosemans hier de klos. Enkelen stellen voor het erop aan te laten komen en geen leermeester te vermelden. Jules Raeymaekers komt met de idee om achter zijn eigen naam 'Elève de l'École de Tervueren' (Leerling van de School van Tervuren) te vermelden. Als enkele maanden later de catalogus van de Salon uitkomt, blijken zowel Jules R. als Hippolyte dit rebelse idee te hebben uitgevoerd... een droom is uitgekomen.

 

Klik op de afbeelding voor een vergroting en info.

 

Wat kan een foto veel bevatten; het gemeentehuis, annex de politiepost, en de voormalige herberg lijken door een grote poort aaneengesmeed: de Warandepoort. Ooit heeft tegenover deze poort in de warande een gietijzeren pomp gestaan om de paarden van de Tervuurse rijkswachtbrigade, mogelijk ook die van de postkoetsen, van water te voorzien. De pomp is verplaatst, maar bestaat nog steeds. Als ik ernaast sta, word ik week, immers de tijd raast en veel verdwijnt in het gat van het verleden. 

Op zich is de monumentale Warandepoort vrij nieuw. Pas in 1897, meer dan twee decennia na de dood van Hippolyte, is hij ter gelegenheid van de Internationale Tentoonstelling van Brussel opgemetseld. Destijds vormt de poort de officiële toegang naar de drie (of vier) speciaal voor de tentoonstelling gebouwde Afrikaanse dorpen rond de Spiegelvijver in de Warande. 

Wat een warande is? Een koninklijke jachtdomein. In Tervuren is het een ruim 200 hectare groot terrein dat ooit geheel ommuurd is geweest. In de loop der eeuwen is de Warande van Tervuren uitgebouwd tot een waar lusthof met schitterend aangelegde tuinen, en met vijvers die door het riviertje de Voer worden gevoed. Juist! Daarom heet Tervuren 'Tervuren'!

 

Het is een héél ander verhaal, maar volgens informatiebordjes hebben in 1897 zo'n 297 Kongolezen de 'mensentuin' bevolkt. Wat een andere tijden! Tijdens hun verblijf worden de Afrikanen ondergebracht in Het Hoefijzer. Toch overleven zeven van hen de kille zomer van dat jaar niet. Zaten ze bijna naakt in hun nagebouwde dorpen? Uiteindelijk zijn ze (hopelijk met gene) herbegraven: een trieste rij tomben zuidelijk van de Markt bij de noordmuur van de Sint-Jan Evangelistkerk. 

 

Bronnen

- De Vilder, H. (2013). Dood van een landschapsschilder - Geromantiseerde kroniek van een kunstenaarsleven. Soest: Boekscout.

- Geboorte- en sterfjaar van Alphonse Asselbergs, Camille van Camp, Charles Tschaggeny, Edouard Huberti, Hippolyte Boulenger, Joseph Coosemans, Jules Montigny en Théodore Fourmois. Uit: De Vilder, H. en Wynants, M. (2000). De School van Tervuren. Tervuren: V.Z.W. De Vrienden van de School van Tervuren.

- Warandepark. Op 25 maart 2022 van https://www.toerismevlaamsbrabant.be/producten/bezoeken/bezienswaardigheden/warande/

 

---> 328 HET PLEINAIRISME IN DE 19E EEUW - De Optische Illusies van Hippolyte

---> LIEFDE 2022 IDO Inhoud

---> QUEESTE

---> HOME